zondag 23 november 2014

Antropomorfisme inherent aan menselijke natuur

Johann Wolfgang von Goethe                                                              Spreuk 23
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Nimmer begrijpt de mens hoe antropomorfisch hij is.


Der Mensch begreift niemals, wie anthropomorphisch er ist.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                  bij spreuk 23 tot en met 26



Alle verklaring van de natuur berust daarop, dat wat de mens aan zichzelf ervaart in de voorwerpen wordt gelegd. Zelfs de eenvoudigste verschijnselen worden langs die weg verklaard. Als wij de botsing van twee lichamen uitleggen, dan gebeurt dat zo dat wij ons voorstellen dat het ene lichaam op het andere net zo’n werking uitoefent, zoals wij dat doen als wij tegen een lichaam aanstoten. Godsvoorstelling is menselijke denk- en handelswijzen naar de totale natuur verplaatsen. Antropomorfisch is dus alle uitleg. De mus kan de ooievaar slechts vanuit de zienswijze van een mus beoordelen.


Alle Erklärung der Natur besteht darin, daß Erfahrungen, die der Mensch an sich selbst macht, in den Gegenstand hineingedeutet werden. Selbst die einfachsten Erscheinungen werden auf diese Weise erklärt. Wenn wir den Stoß zweier Körper erklären, so geschieht das dadurch, daß wir uns vorstellen, der eine Körper übe auf den andern eine ähnliche Wirkung, wie wir selbst, wenn wir einen Körper stoßen. Die Gottesvorstellung ist das Hineindeuten menschlicher Denk- und Handlungsweisen in die ganze Natur. Alle Erklärung ist also anthropomorphisch. Der Sperling kann den Storch nur vom Sperlingsstandpunkt aus beurteilen.


Audiovisuele weergave spreuk 23




Muziek
Frech und Froh - Hugo Wolf
Gedicht
Frech und Froh - Johann Wolfgang von Goethe

12 opmerkingen:

  1. Het woord antropomorfisch staat niet in het woordenboek. Wanneer ik de spreuk en het commentaar hierop zie zou ik als verklaring geven: *Ik creëer mijn eigen buitenwereld*.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Ja het creëren van een eigen buitenwereld in heel bepaalde zin, een vermenselijkte buitenwereld in menselijke termen en voorstellingen.

      Een mens kan zich natuurlijk ook in een ander mens projecteren. Soms in extreme mate. Dan kan hij In een ander als het ware alleen zichzelf zien. Dat wordt dan geen antropomorfisme maar eenkennigheid en dergelijke genoemd.

      Naast eigenschappen als (1) projectie en (2) spiegeling draagt een mens het vermogen tot (3) vergelijken (onderscheidingsvermogen) waardoor hij in een 'wereld van gelijkenissen en vervloeiingen' toch in staat is om tot onderscheiding te komen; wat resulteert in een breed scala van 'ik en gij', 'de ander' en 'het andere' enzovoort.

      Mijns inziens hangt dit menskundig bezien nauw samen met én eigenzinnigheid én beïnvloedbaarheid van een mens. Belangrijke aspecten daarvan worden door Rudolf Steiner helder aan de orde gesteld in zijn voordracht De positieve en de negatieve mens (Berlijn, 10 maart 1910).

      Verwijderen
  2. Noten

    ① Voor meer over antropomorfisme zie: → Anthropomorphismus – AnthroWiki, → Antropomorfisme – Genootschap Onze Taal

    ② Een mens denkt veelvuldig met behulp van analogieën. Onlangs verscheen daar een interessant en prikkelend boek over van Douglas Hofstadter en Emmanuel Sander: Analogie – De kern van ons denken (2014). Hier een lezing van Hofstadter over het onderwerp, uitvoerig ingeleid door andere sprekers: Analogy as the Core of Cognition (2009).

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Ik begrijp dat stenen, planten en dieren ('tegenstanden' worden ze hier genoemd) iets hebben wat heel authentiek is. Zij **zijn** er. Deze authentieke 'tegenstanden' **zijn** ook ... onbewust ... in ons aanwezig; (zichtbaar in fabels bv). En ik heb een idee dat het de bedoeling is dat we ons hiervan bewust worden. Wanneer, al werkend, de buitenwereld tegen ons 'botst' kunnen we dus gaan spiegelen... kunnen we ons bewust worden van hetgeen onbewust in ons aanwezig is en wat deze spiegeling ons wil vertellen. Kunnen we tegenstand inzichtelijk en zinvol in ons opnemen en tot medestand maken? Dit leidt volgens mij tot **eenheid**. De inhoud van de weerspiegeling gaat net zo ver als we zelf aankunnen. En dat is goed. Dit is een proces waar we, volgens mij, ons hele leven (in werken en verwerken) mee bezig kunnen zijn. Ieder op zijn eigen wijze. Ik vind het wel mooi wat Steiner hier in zijn verklaring zegt: 'Godsvoorstelling (Eenheidsgevoel) is menselijke denk- en handelswijzen naar de totale natuur verplaatsen'

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Dank je voor mooie reactie, Marika. Een mens kan met zijn (fysieke) lichaam ook als een natuurvoorwerp worden gezien. Hierbij kun je tevens denken aan (1) 'de idee in de dingen', (2) 'de idee in de ziel' en (3) 'de idee vooraf aan de dingen' naar de filosofie van Thomas van Aquino (1225 - 1274), zoals behandeld door Rudolf Steiner in zijn voordrachtenreeks De filosofie van Thomas van Aquino - De weg van het denken naar de realiteit (Dornach, 22/23/24 mei 1920).

      Een goede fabelschrijver kan zekere eigenschappen van een dier uitstekend karakteriseren en ten bate nemen. Bijvoorbeeld een uitgesproken sluwheid van een vos, moed van een leeuw enzovoort. Voor iets meer over een aspect van spiegeling, te onderscheiden van projectie, zie mijn andere reactie van hierboven.

      Verwijderen
  4. In wezen is het zo, heb ik het idee, dat de spreuk en het commentaar willen zeggen dat we, in een ritmisch werken en verwerken, telkenmale onze verworven inzichten in denken en handelen weer naar buiten dragen.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Op het hoe van het (weer) naar buiten treden, namelijk antropomorfisch, is door Goethe en Steiner bij spreuk 23 met een zeer bepaald doel en niet zonder betekenis een hoofdaccent gelegd.

      Wat interactieprocessen betreft, is tegenwoordig natuurlijk het computermodel van input, verwerking en output (van data) bekend. Dat is in feite naar analogie van een menselijk model.

      Puur menskundig bezien kun je hierbij denken aan de processen en actieradius van de menselijke gewaarwordingsziel, verstands- en gemoedsziel en de bewustzijnsziel. Bij de gewaarwordingsziel is sprake van gewaarworden van het opgenomene (input), bij de verstands- en gemoedsziel van verwerken en op een rij krijgen ervan (verwerken) en met de bewustzijnsziel wordt met verworven kennis en een daaraan verbonden kenhouding weer naar buiten getreden (output). Volgens Steiner is het voor mensen die hun bewustzijnsziel ontwikkelen, en we leven tegenwoordig in het bewustzijnsziel-tijdperk, een belangrijke opgave om een scherp en helder voorwerpsbewustzijn te ontwikkelen.

      Verwijderen
    2. En zodra een mens zich van het antropomorfische karakter van zekere van zijn kennisvoorstellingen bewust wordt, bijvoorbeeld evident aanwezig bij een godsvoorstelling van een man met een baard enzovoort, kan hij tot herijken overgaan. Dit met de idee, het kan of moet anders zijn of een slag anders liggen. Hoe dan? Enzovoort.

      Verwijderen
  5. Mijn commentaar samenvattend op spreuk 23 Goethe: 'Nimmer begrijpt de mens hoe antropomorfisch hij is.' Commentaar Steiner: 'Alle verklaring van de natuur berust daarop, dat wat de mens aan zichzelf ervaart in de voorwerpen wordt gelegd. Zelfs de eenvoudigste verschijnselen worden langs die weg verklaard. Als wij de botsing van twee lichamen uitleggen, dan gebeurt dat zo dat wij ons voorstellen dat het ene lichaam op het andere net zo’n werking uitoefent, zoals wij dat doen als wij tegen een lichaam aanstoten. Godsvoorstelling is menselijke denk- en handelswijzen naar de totale natuur verplaatsen. Antropomorfisch is dus alle uitleg. De mus kan de ooievaar slechts vanuit de zienswijze van een mus beoordelen.

    Als eerste reactie op de spreuk en commentaar van G&S zei ik: 'Ik creeer mijn eigen buitenwereld'. Vervolg hierop: Wat ik buiten mijzelf zie en creëer is dus een spiegeling van mijn binnenwereld. Wanneer, al werkend in de buitenwereld, de buitenwereld tegen mij 'botst', is dit dus een spiegeling die ik voor mijzelf plaats om hier iets van te leren. Wanneer ik vervolgens weer naar binnen ga, kan ik mij 'door deze botsing' bewust worden van hetgeen onbewust in mij aanwezig is en wat deze spiegeling mij wil vertellen. Vervolgens kan ik kijken of ik van deze 'botsing' iets kan leren ... de metamorfose dus... die ons tot hoger begrip, een soort eenheidsbewustzijn, kan leiden. De inhoud van de weerspiegeling gaat net zo ver als ik zelf aankan. En dat is goed. Dit is een proces waar we, volgens mij, ons hele leven (in werken en verwerken) mee bezig kunnen zijn. Ieder op zijn eigen wijze. Ik vind het wel mooi wat Steiner hier in zijn verklaring zegt: 'Godsvoorstelling ('Eenheidsgevoel' noem ik dit dan) is menselijke denk- en handelswijzen naar de totale natuur verplaatsen' .

    BeantwoordenVerwijderen
  6. John! Wat een beestachtig goeie video!

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Fijn om te vernemen Jen! Ja, er komt inderdaad wel een dier in voorbij!

      Verwijderen

Overzicht van alle blogberichten op Sprüche in Prosa

2015

Spreuk 158 – Levende eenheid – 14 mei 2015

Spreuk 157 – Heuristiek – 12 mei 2015

Spreuk 156 – Illusoire inkapseling – 7 mei 2015

Spreuk 155 – Verstommen – 4 mei 2015

Spreuk 154 – Skelet en eeuwige rede – 2 mei 2015

Spreuk 153 – Geognosie en verbeeldingskracht - 30 april 2015

Spreuk 152 – Creatief omwerken – 28 april 2015

Spreuk 151 – Onderscheiden van rede en verstand – 25 april 2015

Spreuk 150 – Algemene oorzaken – 18 april 2015

Spreuk 149 – Eenvoud – 16 april 2015

Spreuk 148 – Ondeelbaar fenomeen – 15 april 2015

Spreuk 147 – Geschiedkundige methode – 13 april 2015

Spreuk 146 – Mechaniseren – 12 april 2015

Spreuk 145 – Tezamen gedacht – 11 april 2015

Spreuk 144 – Symptoom en kwaal – 9 april 2015

Spreuk 143 – Werking en oorzaak – 8 april 2015

Spreuk 142 – Nadelen bij vragen over oorzakelijkheid – 6 april 2015

Spreuk 141 – Causaliteitsdenken – 5 april 2015

Spreuk 140 - Nabijgelegen fenomenen en hardleersheid – 4 april 2015

Spreuk 139 – Fenomenen gewaarworden – 3 april 2015

Spreuk 138 – Mensheidsformaat of kleingeestigheid – 2 april 2015

Spreuk 137 – Oerfenomenen en angst – 31 maart 2015

Spreuk 136 – Karakteristieke oerfenomenen – 30 maart 2015

Spreuk 135 – Kernvraagstukken – 29 maart 2015

Spreuk 134 – Oorspronkelijke condities – 28 maart 2015

Spreuk 133 – Voortgang onderzoek – 23 maart 2015

Spreuk 132 – Elementaire ervaringen – 22 maart 2015

Spreuk 131 – Beroep doen op metafysica – 21 maart 2015

Spreuk 130 – Metafysica van de verschijnselen – 20 maart 2015

Spreuk 129 – Bestaan – 19 maart 2015

Spreuk 128 – Betrekkelijk en toch absoluut – 18 maart 2015

Spreuk 127 – De natuur en het bijzondere en het algemene – 17 maart 2015

Spreuk 126 – Ware symboliek – 16 maart 2015

Spreuk 125 – Bijzonder algemeen – 15 maart 2015

Spreuk 124 – Geldige algemeenheid – 14 maart 2015

Spreuk 123 – Trefzeker – 13 maart 2015

Spreuk 122 – Operationeel waarheidsgevoel – 12 maart 2015

Spreuk 121 – Waarde van fenomenen – 11 maart 215

Spreuk 120 – Experiment – 10 maart 2015

Spreuk 119 – Uitvindingen en ontdekkingen – 9 maart 2015

Spreuk 118 – Principe van de kleurschakering – 8 maart 2015

Spreuk 117 – Werkende beginselen – 25 februari 2015

Spreuk 116 – Deelverklaring – 24 februari 2015

Spreuk 115 – Van weten naar wetenschap – 23 februari 2015

Spreuk 114 – Groeiende twijfel – 22 februari 2015

Spreuk 113 – Waarachtig en leugenachtig – 21 februari 2015

Spreuk 112 – Wetenschappelijke zekerheid – 20 februari 2015

Spreuk 111 – Spinozisme versus machiavellisme – 19 februari 2015

Spreuk 110 – Enthousiast overdenken – 18 februari 2015

Spreuk 109 – Consequenties – 17 februari 2015

Spreuk 108 – Praktijk en mensenverstand – 16 februari 2015

Spreuk 107 – Filosofie en mensenverstand – 15 februari 2015

Spreuk 106 – Kritiek van het mensenverstand – 14 februari 2015

Spreuk 105 – Algemeen verstand – 13 februari 2015

Spreuk 104 – Genius – 12 februari 2015

Spreuk 103 – Markant – 11 februari 2015

Spreuk 102 – Onderscheid en verstand – 10 februari 2015

Spreuk 101 – Uit elkaar houden en invoegen – 9 februari 2015

Spreuk 100 – Poëzie van het genie – 8 februari 2015

Spreuk 99 – Uiterlijk en innerlijk – 7 februari 2015

Spreuk 98 – Gewoon bekijken en zuiver aanschouwen – 6 februari 2015

Spreuk 97 – Zuiver opvatten en recht doen – 5 februari 2015

Spreuk 96 – Vruchtbare beschouwingswijze – 4 februari 2015

Spreuk 95 – Geen mythologie en legenden in de wetenschap – 3 februari 2015

Spreuk 94 – Twee klippen – 2 februari 2015

Spreuk 93 – Niet op slot gooien – 1 februari 2015

Spreuk 92 – Analogie met goed gezelschap – 31 januari 2015

Spreuk 91 – Inductie – 30 januari 2015

Spreuk 90 – Voortschrijden – 29 januari 2015

Spreuk 89 – Axioma enthymeem – 28 januari 2015

Spreuk 88 – Ongeluk – 27 januari 2015

Spreuk 87 – Herleiden en relateren – 26 januari 2015

Spreuk 86 – Eenvoud – 25 januari 2015

Spreuk 85 – Strategie – 24 januari 2015

Spreuk 84 – Probleem onderkennen – 23 januari 2015

Spreuk 83 – Miniaturen – 22 januari 2015

Spreuk 82 – Leemten – 21 januari 2015

Spreuk 81 – Afstemmen – 20 januari 2015

Spreuk 80 – Zekere koers met open blik – 19 januari 2015

Spreuk 79 – Bekopen en losraken – 18 januari 2015

Spreuk 78 – Feedback – 17 januari 2015

Spreuk 77 – Diepgang – 16 januari 2015

Spreuk 76 – Gelijke bron – 15 januari 2015

Spreuk 75 – Speelruimte voor vergissingen – 14 januari 2015

Spreuk 74 – Onwillig mopperen – 13 januari 2015

Spreuk 73 – Direct benutten – 12 januari 2015

Spreuk 72 – Voortreffelijkheid – 11 januari 2015

Spreuk 71 – Ware wijsheid – 10 januari 2015

Spreuk 70 – Wakker ontwaken – 9 januari 2015

Spreuk 69 – Achterhalen – 8 januari 2015

Spreuk 68 – Bestendigen – 7 januari 2015

Spreuk 67 – Aanmatiging matigen – 6 januari 2015

Spreuk 66 – Geholpen worden of verward raken – 5 januari 2015

Spreuk 65 – Binnensluipen en afweren – 4 januari 2015

Spreuk 64 – Onjuiste voorstelling van zaken – 3 januari 2015

Spreuk 63 – Vasthouden of loslaten – 2 januari 2015

Spreuk 62 – Goede voornemens – 1 januari 2015

2014

Spreuk 61 – Geen idee – 31 december 2014

Spreuk 60 - Realiteitszin, aannamen en hersenschimmen – 30 december 2014

Spreuk 59 – Guitig opgestelde hypothesen – 29 december 2014

Spreuk 58 – Rijzende problemen – 28 december 2014

Spreuk 57 – Hypothesen als loopplanken – 27 december 2014

Spreuk 56 – Wirwar – 26 december 2014

Spreuk 55 - Vitterige waarnemers en grillige theoretici – 25 december 2014

Spreuk 54 – Abstraheren en concretiseren – 24 december 2014

Spreuk 53 – Nut van theorieën – 23 december 2014

Spreuk 52 – Nietszeggende gemiddelden – 22 december 2014

Spreuk 51 – Zuivere ervaring – 21 december 2014

Spreuk 50 – Productieve kracht laten gelden – 20 december 2014

Spreuk 49 – Onverloochenbaar – 19 december 2014

Spreuk 48 – Eigenheid – 18 december 2014

Spreuk 47 – Januskop – 17 december 2014

Spreuk 46 – Dialectiek – 16 december 2014

Spreuk 45 – Terminologie in verhouding tot fenomenen – 15 december 2014

Spreuk 44 – In het oog vatten en doordenken – 14 december 2014

Spreuk 43 – Taalworstelingen – 13 december 2014

Spreuk 42 – Bemoeienis – 12 december 2014

Spreuk 41 – Zelfeducatie en ondersteuning – 11 december 2014

Spreuk 40 – Transparantie – 10 december 2014

Spreuk 39 – Maximes helder bezien – 9 december 2014

Spreuk 38 – Omstreden raken – 8 december 2014

Spreuk 37 – Zwart op wit – 7 december 2014

Spreuk 36 - Gehoorbereik – 6 december 2014

Spreuk 35 – Onbegrip 5 december 2014

Spreuk 34 – Vermeend weerleggen – 4 december 2014

Spreuk 33 – Gezindheden – 3 december 2014

Spreuk 32 – Leer van Newton – 2 december 2014

Spreuk 31 – Onenigheid en problemen – 1 december 2014

Spreuk 30 – Gekante meningen – 30 november 2014

Spreuk 29 – Probleemstelling en twistappels – 29 november 2014

Spreuk 28 – Stokken en stilstaan – 28 november 2014

Spreuk 27 – Verstaanbaarheid – 27 november 2014

Spreuk 26 – Inlevingsvermogen – 26 november 2014

Spreuk 25 – Glad ijs – 25 november 2014

Spreuk 24 – Vrije val en botsing – 24 november 2014

Spreuk 23 – Antropomorfisme inherent aan menselijke natuur – 23 november 2014

Spreuk 22 – Wie of wat spreekt zich uit? – 22 november 2014

Spreuk 21 – Gelijke onderkent gelijke – 21 november 2014

Spreuk 20 – Uitgangspunt bij menselijke waarheden – 20 november 2014

Spreuk 19 – Menselijke voorstellingswijze en menselijke waarheid – 19 november 2014

Spreuk 18 – Ja en nee uit de mond van de natuur – 18 november 2014

Spreuk 17 – Verstand en hulpmiddelen – 17 november 2014

Spreuk 16 – Vrije focus – 16 november 2014

Spreuk 15 – Het onbeschrijfbare beschrijven – 15 november 2014

Spreuk 14 – Berekening en experiment – 14 november 2014

Spreuk 13 – Mens en moderne fysica – 13 november 2014

Spreuk 12 – Tolk van het verstand – 12 november 2014

Spreuk 11 – Zintuiglijke ervaringen en geestelijke vermogens – 11 november 2014

Spreuk 10 – Perspectivische wetten – 10 november 2014

Spreuk 9 – Blikrichting en corresponderende hoek – 9 november 2014

Spreuk 8 – Verschilzicht en positieverandering – 8 november 2014

Spreuk 7 – Gezichtsvermogen – 7 november 2014

Spreuk 6 – Vergelijken – 6 november 2014

Spreuk 5 – Aan- en indachtigheid – 5 november 2014

Spreuk 4 – Bedrieglijk oordeel – 4 november 2014

Spreuk 3 – Betrouwbare zintuigen – 3 november 2014

Spreuk 2 – Menselijke wijsheid – 2 november 2014

Spreuk 1 - Kenverhoudingen - 1 november 2014

Inleiding en verantwoording van Rudolf Steiner – 1 november 2014

Introductie en verantwoording – 1 november 2014